1. Wanneer begon de uitvoering van het Deltaplan?
Het Deltapan is sinds 2006 in uitvoering.
2. Het Deltaplan is door de Landsregering gemaakt. Wat gebeurt er met het plan als de Landsregering opgeheven wordt?
Het Deltaplan is verankerd in een 12-tal wetgevingen en regelingen en wordt uitgevoerd op de eilanden van de Nederlandse Antillen.
3. Komt het Deltaplan in plaats van de reeds lopende onderwijsvernieuwingen?
Nee, het Deltaplan is geen nieuw onderwijsbeleid, maar een normstellend kader en synchronisatie van alle reeds bestaande onderwijs-, vormings- en trainings- programma’s voor alle jongeren vanaf het funderend onderwijs tot het hoger onderwijs. Bij mijn aantreden als minister van onderwijs bleek door de overvloed aan onderwijsvernieuwingen en vormingsaanbod het kind uit beeld te zijn geraakt. De fragmentatie van de diverse beleidsinspanningen, de versplintering van de beperkt beschikbare middelen en de noodzaak om een ononderbroken voortgang van onderwijsvernieuwingsactiviteiten te garanderen maakten een Deltaplanoperatie, gericht op creëren van onderlinge samenhang tussen het vormingsaanbod, garantie voor implementatie en de geconcentreerde focus om duidelijke doelstellingen te bereiken, noodzakelijk.
4. Wat is de doelstelling van het Deltaplan?
Het Deltaplan heeft drie doelstellingen voor 2011: 1. oplossing van de drop-outproblematiek, 2. oplossing van de jeugdwerkeloosheid, 3. invoering van een nieuw onderwijssysteem dat ontwikkelingskansen biedt voor alle jongeren.
5. Is het Deltaplan tegen Papiamentu als instructietaal in het onderwijs?
Nee, de programmataal in het Deltaplan gaat uit van de promotie van ons land als een meertalige gemeenschap. De talen Papiamentu, Engels en Nederlands kunnen allen instructietaal zijn in het Funderend Onderwijs vanaf de eerste cyclus. Schoolbesturen mogen zelf bepalen welke van de drie instructietalen zij gebruiken op hun scholen. Ouders kunnen de school kiezen met de instructietaal, die zij wensen. In de wet op de officiële talen zijn vanaf 1 juli 2007 Papiamentu, Nederlands en Engels officiële talen op de Nederlandse Antillen.
6. Waarom is er ondanks dat schoolbesturen zelf mogen bepalen welke instructietaal ze gebruiken, toch ieder jaar een schaarste aan scholen met Nederlands als instructietaal?
Hoewel de schoolbesturen zelf de instructietaal mogen bepalen (slechts keuze uit de drie officiële talen) zijn er niet voldoende leerkrachten die het Nederlands als instructietaal kunnen onderwijzen. Dit is het gevolg van jarenlang beleid waarin opeenvolgende ministers van onderwijs de moedertaal- school hebben gepromoveerd. Dus een school voor funderend onderwijs waar slechts Papiamentu op de benedenwindse eilanden en Engels op de bovenwindse eilanden instructietaal is. Het Nederlands zou slechts als vak onderwezen worden. In het beleid van de ministers vóór het Deltaplan-tijdperk mochten slechts vier scholen op Curaçao Nederlands als instructietaal gebruiken. De overige scholen werd dat verboden. De ouders van een school op Curaçao, de Römerschool, hebben daartegen heftige acties gevoerd en gedreigd met een rechtzaak. Uiteindelijk heeft het eilandbestuur op Curaçao onder invloed van het Deltaplan-taalbeleid de toestemming gegeven om ook op die school het Nederlands als instructietaal te gebruiken. De Römerschool is nu een tweetalige school, waar Papiamentu en Nederlands worden gebruikt als instructietaal.
7. Waarom is Spaans geen officiële taal?
De officiële taal(en) is de taal die burgers mogen gebruiken in de communicatie met de overheid. In de historische traditie zijn dat Papiamentu, Nederlands en Engels. Maar het Spaans is wel een verplichte schooltaal. In het taalbeleid van het Deltaplan zijn er vier verplichte schooltalen: Papiamentu, Nederlands, Engels en Spaans.
8. Wie betaalt het Deltaplan?
Er is voor het jaar 2008 ongeveer 17,34 miljoen
Euro omgerekend 43.35 miljoen gulden beschikbaar voor Curaçao en St. Maarten en 3.2 mln. euro voor de BES-eilanden. Voor de hele periode tot en met 2012 is er voor de eilanden Curaçao en Sint Maarten, die zich voorbereiden op de status als land, een bedrag van 67.37 miljoen euro omgerekend 160 miljoen gulden beschikbaar om de onderwijshuishouding op orde te brengen als deel van de inspanningen om zorg te dragen voor een gezonde sociaal-educatieve huishouding in de aanloop naar de nieuwe staatkundige structuur. Dit geld komt uit de door Nederland beschikbaar gestelde gelden voor ontwikkelingssamenwerking. Hieruit worden echter niet alle programma’s van het Deltaplan gefinancierd. Slechts de onderwijsvernieuwingen van het funderend onderwijs, het beroepsonderwijs en de sociale vormingsplicht.
9. Wie betaalt de overige programma’s van het Deltaplan?
De resterende programma’s uit het DELTAPLAN t.w. accreditatie van de UNA, vernieuwing van het HAVO/VWO en de opvoedingsondersteuning worden betaald en gerealiseerd vanuit de begroting van het Ministerie van Onderwijs en Cultuur Nederlandse Antillen. Ook zal het Ministerie van Onderwijs zich nog inzetten voor de afronding van de kaders en nieuwe taken in het licht van de handhaving van de uitgebreide leerplicht.
10. Is het Deltaplan alleen gericht op drop-outs?
Nee, het Deltaplan is bestemd voor alle jongeren van het funderend onderwijs tot aan de universiteit.